Terug naar overzicht
Innovatie laat zich niet sturen, maar komt ook niet toevallig tot stand. Het vraagt om een innovatievriendelijke biotoop met ruimte om te experimenteren en om stappen die gestructureerd worden doorlopen. Daarin nemen de doeners de leiding en worden initiatieven in praktijk uitgeprobeerd. Initiatieven die succesvol zijn, worden opgeschaald. Maar ook wordt vroegtijdig afscheid genomen als initiatieven zich niet bewijzen. Dat is het proces dat de basis vormt voor het handboek over innovatie van publieke organisaties dat deze week in het Engels uitkomt.

Menno Spaan betoogt dat publieke organisaties beter zijn in innoveren dan private organisaties, maar dat zij innovatie dan wel als een structureel proces moeten inrichten. Hij beschrijft de fasen van innoveren, de strategieën die hiervoor kunnen worden gehanteerd en de succesfactoren om deze vorm te geven. Als uitgangspunt neemt hij zestien succesvolle casussen van Nederlandse publieke organisaties die nu ook voor andere landen inzichtelijk worden.

Voorbeelden innovaties

De zestien publieke organisaties in het boek hebben gemeen dat ze volledig anders zijn gaan werken. Zo maakte Rijkswaterstaat de dijken niet hoger om het land te beschermen tegen hoogwater, maar haalde deze juist weg om de rivieren meer ruimte te geven. In Nijkerk werkt men met zelfsturende teams. In Zuidhorn wordt ‘blockchaintechnologie’ in de gemeentelijke uitvoeringstaak toegepast, in Molenwaard werkt men zonder gemeentehuis. Het boek besluit met een krachtig pleidooi voor structurele innovatie bij publieke organisaties.

‘Voorbeelden van succesvolle innovaties verdienen het om gedeeld te worden en om van te leren. Met deze Engelse vertaling worden de casussen uit het boek nu ook internationaal gedeeld.’ ‘En dat is ook de bedoeling’, zo geeft Menno Spaan aan. 'Fijnstof, bijvoorbeeld, houdt zich nu eenmaal niet aan landsgrenzen. Blockchain vraagt om een open source code die internationaal wordt gebruikt. Toepassingen voor 3D-kaarten moet je internationaal met elkaar delen. Maar vooral gaat het om de manier waarop innovaties tot stand komen. Dat is steeds hetzelfde.’

In de Engelse versie zijn de casussen die na de publicatie van de Nederlandse editie werden afgerond voorzien van een update. Bij iedere casus is bovendien aangegeven wat de toepasbaarheid is voor organisaties in andere landen die met een vergelijkbare innovatie aan de slag willen.

Bij het boek hoort ook een zelftest. Daarin kunnen organisaties zich met elkaar en met de succescasussen vergelijken. Deze is zowel in het Nederlands als in het Engels beschikbaar.

EFGF succesvolle innovatie

De Energie- & Grondstoffenfabriek wordt behandeld in het boek als voorbeeld van een succesvolle innovatie. Kijk hier voor meer informatie.